|
Onder de reekstitel: Vaktherapeutische
verkenningen is verschenen: |
| |
te bestellen:
 |
|
Dramatherapie en borderline
persoonlijkheidsstoornis in Nederland en Vlaanderen
Gé Cimmermans
(2009). Dramatherapie en borderline
persoonlijkheidsstoornis in Nederland en Vlaanderen.
Interne uitgave
Hogeschool van Arnhem en Nijmegen. ISBN: 978-90-72482-05-1 |
 |
|
Samenvatting
In dit onderzoek staat de onderzoeksvraag 'Wat zijn
waardevolle interventies in dramatherapie bij cliënten met borderline
persoonlijkheidsstoornis' centraal. In de inleiding wordt beschreven hoe
deze onderzoeksvraag tot stand gekomen is. Daartoe zijn bestaande
publicaties op het gebied van de borderline-problematiek beschreven,
waarbij vastgesteld werd dat interventies daarin weinig concreet en
systematisch beschreven zijn. Dit onderzoek beoogt een draagvlak te
creëren voor een rubricering van interventies in de Nederlandstalige
regio. Daartoe zijn 16 dramatherapeuten geïnterviewd die ruime ervaring
hebben in de behandeling van borderline persoonlijkheidsstoornis. In de
interviews is doorgevraagd op drie interventies die de desbetreffende
therapeut waardevol vindt. In de analyse is er rekening mee gehouden dat
een interventie in dit onderzoek niet beschouwd wordt als een
enkelvoudige activiteit, maar als een complex van activiteiten dat door
de therapeut in gang wordt gezet om de cliënt van de bestaande
ongewenste situatie te brengen tot de gewenste situatie. Met het laatste
wordt bedoeld dat elke interventie in de context gezien wordt van het
probleem en het behandelingsdoel van de cliënt.
Het resultaat is een rubricering van interventies en activiteiten
waaruit de interventies bestaan (de activiteiten worden in het onderzoek
aangeduid met componenten en subcomponenten). Ook zijn aanbevelingen
geformuleerd ten aanzien van de interventies en de activiteiten
(componenten) waaruit ze bestaan. Daarbij is vermeld over welke
onderdelen van de resultaten al dan niet consensus bestaat. Voorts is
een overzicht opgenomen van effecten van de dramatherapeutische
interventies die de dramatherapeuten noemen. Ook wordt de rol van het
medium drama in het bereiken van de behandelingsdoelen belicht, waarmee
de waardevolheid van dramatherapie bij de borderline
persoonlijkheidsstoornis naar voren komt.
Het hoofdstuk Conclusie en discussie bevat uitspraken over de
bruikbaarheid van de resultaten. Het concreet en systematisch
beschrijven van interventies mag als geslaagd worden beschouwd. De rol
van de mediumactiviteit naast die van de niet-mediumactiviteiten in de
interventies krijgt extra aandacht en ook wordt stilgestaan bij de
functie van fictie in de interventies.
Tot slot wordt gewezen op het belang van samenwerking met andere
disciplines onder de paraplu van een bepaalde behandelingvisie waarvan
bewezen is dat die evidence-based is.
In bijlage 1 is een raamwerk opgenomen van de vragen die in het
interview gesteld zijn.
Bijlage 2 geeft een overzicht van de mediumwerkvormen (de
interventiecomponent 'werken in het medium') die in de interventies naar
voren zijn gekomen.
|